Deel 3 : Kura kura in de keuken
- Fréderic
- 26 okt 2022
- 5 minuten om te lezen
Bijgewerkt op: 18 feb 2023
Het is aan het motregenen, we zijn vermoeid, de jetlag zit nog altijd in ons lijf, we plakken van het zweet en zitten al een hele tijd op ons eten te wachten terwijl we van een ganse dag geen deftige maaltijd hebben verorberd, maar dat kon ons goed gevoel niet doen verdwijnen.

Amper een uur eerder zijn we geland op het eiland van de goden, Bali. Op de luchthaven van Bali werden we niet enkel verwelkomd door zachte regen die neerviel op de nachtelijke straten, maar ook door onze chauffeur Ketut. Vooraleer hij ons naar onze eerste villa bracht waar we zouden bekomen van de reis en van de jetlag, stopte hij aan een kleine food market waar zich enkele warungs (kleine familie restaurants), in open lucht bevonden. We zitten reikhalzend uit te kijken naar onze eerste maaltijd op Balinese bodem en gelukkig wordt het lange wachten verzacht door een bandje die aan het zingen is. Het is het eerste moment van rust op een hectische dag.
Eerder diezelfde dag, of moet ik zeggen nacht, waren we om kwart voor vijf plaatselijke tijd gewekt door de Corona-brigade van Jakarta. Eén man, van kop tot teen ingepakt in een hermetisch afgesloten pak, als was Corona even dodelijk als Ebola en de Pest samen, koterde in onze neusgaten zodat het laatste restje slaap zeker uit ons was verwijderd, een tweede geüniformeerde bewaker hield alles in de gaten en een derde man stond al klaar met een bancontact-terminal om de nodige Rupiah’s op te eisen. Tegen de middag kregen we dan het verlossende nieuws dat we onze quarantaine mochten verlaten. Het signaal om in een taxi te springen voor een rit van een uur richting de luchthaven van Jakarta, waar we nog geen 48 uur eerder waren geland. Gelukkig had onze vlucht vertraging (binnenlandse vluchten zijn nog wispelturiger dan de Belgische spoorwegen), of we hadden door de lange reeks aan controles zeker onze vlucht gemist. Twee uur later dan gepland steeg onze vlucht op om het eiland Java in te ruilen voor het naburige Bali.
En zo zitten we hier nu, meer dan 12.000 kilometer en zes tijdszones verwijderd van onze heimat in een druilerig Bali by night onze heerlijke mie goreng te verslinden, verlangend naar een goed bed om tot rust te komen. Dat bed zouden we een uurtje later te zien krijgen. Het bed zelf bevindt zich in een klein villaatje in Seminyak, op 300 meter van de kust. De slaapkamer is, voor ons westerlingen misschien vreemd, de enige ruimte van de villa die zich binnen bevindt. Zowel de keuken, leefruimte als badkamer bevinden zich buiten, maar wel afgedekt door een houten dak. Logisch ook, aangezien het klimaat op de evenaar maar twee seizoenen kent: het regenseizoen en het droge seizoen.

Beide seizoenen hebben dezelfde aangename temperatuur van 30 graden overdag, alleen in het regenseizoen krijg je bij momenten een bui over je hoofd. Maar zelf dan is het weer optimaal om in openlucht te leven. En om die tropische temperatuur het hoofd te bieden, is er natuurlijk een zwembad bij de villa die garant staat voor verkoeling. Wat we echter niet wisten, is dat er tussen de keuken en de leefruimte een vijver ligt. Met vissen. Veel vissen. En een waterschildpad. Nee, drie schildpadden (Kura kura in het Indonesisch)! Hoe zalig is dat? Een resem huisdieren ingebed in het huis.

Het zullen echter niet de enige huisdieren zijn, zouden we de komende dagen ontdekken, want er zijn ook ongenode gasten.

Vogels, slakken en hagedissen hadden we nog wel verwacht, maar een bad waarin krabben van één tot acht centimeter zitten die uit het niets voorschijn komen? Nee, dat is verrassend.
De volgende dag bij het ochtendgloren ontdekken we dat rond het zwembad niet alleen fauna, maar ook prachtige flora te vinden is. Vooral de voor Bali typerende frangipane-bomen die over het zwembad hangen, vallen daarbij op. Ondertussen is het gestopt met regenen en beginnen de eerste zonnestralen door de wolken te priemen. Tijd om te bellen naar de receptie voor ons ontbijt.

Enkele minuten later wordt op de poort geklopt. We verwachten dat daar iemand zou staan om ons een plateau met ons ontbijt voor te schotelen. Niets is minder waar. Drie personeelsleden komen de tuin ingestapt. Twee ervan gaan linea recta naar de keuken en beginnen daar ons eten te prepareren. De derde begint het zwembad en de tuin onder handen te nemen. Verbazing alom. Maar dat is nog maar het begin.
Wanneer we enkele uren later aangeven dat de housekeeping mocht komen, komt een bataljon van zes personeelsleden onze villa binnengemarcheerd om in een sprint van minder dan 10 minuten gans de villa terug spik en span te zetten. Surrealistisch. Het toont niet enkel de dienstbaarheid van de Balinezen die alles met de glimlach doen, maar ook hoe iedereen zijn graantje kan meepikken van het toerisme op het eiland. Toerisme, dat afhankelijk van de bron, instaat voor 60 tot 80% van de inkomsten van het eiland. Inkomsten die door de complete overreactie op Corona volledig zijn weggeslagen en het eiland, dat geen sociaal vangnet kent behalve die van de eigen familie, in een diepe menselijke en financiële crisis heeft ondergedompeld. De komende dagen is dat thema de enige manier om de eeuwig vriendelijk lachende Balinezen een triestig gezicht te zien trekken.
De impact van het wegvallen van het toerisme werd die middag nog eens extra duidelijk toen we ons naar het dichtstbijzijnde strand begeven. Het aantal toeristen op het strand van Seminyak, dat anders overspoeld wordt door surfers en zonnekloppers, is er op één hand te tellen. Ja, het is zalig om een strand bijna volledig voor ons alleen te hebben, om in alle rust naar de horizon te staren en de golven te zien neerploffen op het kilometerslange strand. Maar toch is er een zekere mate van plaatsvervangende tristesse om wat de Balinezen moeten doorstaan. Vele hotels zijn leeg, vele winkels en restaurants zijn tijdelijk of definitief gesloten en diegenen die wel open zijn mogen blij zijn als er überhaupt al iemand iets komt consumeren.

Maar goed, dit is een blog over ons nieuwe leven in Bali, geen eindeloze preek tegen de Corona-dictatuur. Dus laten we ook kijken naar de pracht en praal van het kleine stukje Bali dat we vandaag hebben ontdekt rondom onze villa. Zon, zwoele temperaturen waar we de komende dagen beetje bij beetje aan zullen wennen, de vriendelijkheid van de Balinezen, de continue stroom aan vogelgeluidjes die ons stuk voor stuk onbekend in de oren klinken en vooral de prachtige natuur, indrukwekkende stranden en een villa om volledig tot rust te komen en de jetlag te verteren.
Commenti